Rioolwater zuiveren
Rioolwater zuiveren
Het afvalwater van inwoners en bedrijven stroomt via de riolering naar 1 van onze 16 rioolwaterzuiveringsinstallaties (rwzi’s). Daar maken we het rioolwater zó schoon dat het de natuur in kan. Uit het rioolwater halen we steeds meer energie en grondstoffen. Met het slib dat overblijft, maken we bijvoorbeeld biogas. Dat wordt ingezet op onze rwzi én voor het verwarmen van een woonwijk in Apeldoorn.
16 rwzi's
Waterschap Vallei en Veluwe heeft 16 rwzi's: in Amersfoort, Apeldoorn, Bennekom, Brummen, Ede, Elburg, Epe, Hattem, Harderwijk, Heerde, Nijkerk, Renkum, Soest, Terwolde, Veenendaal en Woudenberg. Daar komt elke dag in totaal 340 miljoen liter afvalwater binnen. Dat is genoeg om 140 Olympische zwembaden te vullen!
Grondstoffen terugwinnen uit rioolwater
In rioolwater zitten waardevolle stoffen, zoals fosfaat, stikstof, kalium en bouwstenen voor bioplastics. Onze rwzi’s kunnen die stoffen uit het afvalwater halen. Om fosfaat terug te winnen, gebruiken we bijvoorbeeld speciale filters. Het fosfaat kan zo weer nuttig worden ingezet en het is bovendien beter voor de natuur. Te veel fosfaat in het water kan onder andere leiden tot blauwalgen.
Steeds slimmer
We kijken continu hoe we ons werk nóg slimmer kunnen doen. Dat leidde onder meer tot de inzet van een nieuwe zuiveringstechniek: Nereda. Daarmee kunnen we rioolwater nog sneller zuiveren met minder energie en tegen lagere kosten. Onze rwzi in Epe was de eerste ter wereld die stedelijk afvalwater op deze manier schoonmaakt. Nereda is een samenwerking tussen Stichting Toegepast Onderzoek Waterbeheer (STOWA), Royal HaskoningDHV en de waterschappen Rijn en IJssel, Hollandse Delta, Regge en Dinkel, Vallei en Veluwe en de hoogheemraadschappen van Rijnland en De Stichtse Rijnlanden.
Het waterschap verwijdert ook steeds meer medicijnresten uit het afvalwater.
Hoe werkt een rwzi?
Hieronder lees je meer over de werking van onze rwzi's en de stappen die het rioolwater doorloopt om weer schoon te worden.
Grof vuil verwijderen
Het afvalwater stroomt bij aankomst eerst door een rooster. Grover vuil, zoals bladeren, papier, blikjes, plastic, takken en maandverband blijven hier achter. Dit vuil wordt samengeperst en afgevoerd naar de vuilstort. Het afvalwater gaat door naar de voorbezinktank.
Vaste vuildeeltjes verwijderen
Het water komt in het midden van de voorbezinktank binnen en stroomt langzaam naar de zijkant. De vaste vuildeeltjes zakken dan naar de bodem. Daar ontstaat een laag slib, die wordt weggepompt naar de slibgistingstank. Daar wordt het slib verder verwerkt. Het water stroomt door naar de beluchtingstank.
Afvalstoffen verwijderen
De beluchtingstank is het belangrijkste onderdeel van het zuiveringsproces. Hier worden de afvalstoffen namelijk afgebroken. In de beluchtingsbak ‘eten’ bacteriën het afvalwater ‘schoon’. Daarvoor hebben ze zuurstof nodig. Beluchters brengen extra zuurstof in het water waardoor dit proces sneller gaat. De beluchters houden het water continu in beweging, zodat de bacteriën hun werk kunnen doen. Het mengsel van vuil water en slib (de massa bacteriën) heet ‘actief slib’. Nadat het water 2 tot 3 dagen in de beluchtingstank is behandeld, is het ‘schoongegeten’ en stroomt het samen met de bacteriën naar de nabezinktank.
Slib verwijderen
In de nabezinktank wordt het gezuiverde water gescheiden van de volgegeten bacteriën (actief slib). Het water komt in het midden van de nabezinktank binnen en stroomt langzaam naar de zijkant. Het actief slib zakt naar de bodem. Daar worden de bacteriën voor een groot deel teruggepompt naar de beluchtingstank en opnieuw gebruikt. Overtollig slib gaat naar de slibgistingstank. Het gezuiverde water wordt gecontroleerd. Als het schoon genoeg is, stroomt het richting een kanaal, rivier, beek of plas.
Slib verwerken
In het slib dat uit de voor- en nabezinktanks komt, zit nog veel water. Daarom wordt dit slib eerst ingedikt in speciale tanks (indikkers). Het ingedikte slib gaat daarna naar de slibgistingstank. Daar wordt het tot zo’n 33 graden verwarmd. Gasinblazers houden het slib in beweging. Zo ontstaat de ideale omgeving voor de bacteriën om biogas te produceren. Het slib blijft zo’n 20 dagen in deze tank. Het biogas borrelt daarbij langzaam naar boven, waar het wordt opgevangen en opgeslagen in de gashouder.
Biogas inzetten
Het biogas wordt verbrand in gasmotoren om elektriciteit op te wekken. Daarbij ontstaat ook warmte. Daarmee maakt de rwzi een (groot) deel van zijn eigen energie. Het uitgegiste slib wordt afgevoerd naar een elektriciteitscentrale en wordt daar als brandstof ingezet.